Therapieen

  • (Psychodynamische) gesprekstherapie: De basis van alle behandelingen is de zgn ‘gesprekstherapie’. Onderdeel van het probleem waar je mee zit is vaak de manier waarop je ermee omgaat of de manier waarop je omgeving op jou reageert. Daarbij spelen aangeleerde interactiepatronen een rol die zich ook openbaren in het gesprek met je therapeut. Gesprekstherapie onderscheidt zich van een ‘gewoon’ gesprek doordat je in de therapie samen met je therapeut kunt onderzoeken welke patronen er spelen en hoe je daarmee kunt omgaan of hoe je die kan veranderen. De interactie tussen jou en je therapeut wordt niet zozeer gezien als 'goed' of ‘fout’ maar meer als een kans om een ingesleten patroon – waar je meestal last van hebt - op het spoor te komen.

  • SFT: Schema Focused Therapy ofwel Schematherapie is een vorm van psychotherapie die je helpt om de oorsprong van gedragspatronen te doorgronden en te veranderen. De invloed van ervaringen uit je jeugd op je patronen en dagelijkse leven wordt onderzocht.  Je leert jezelf zodanig te veranderen dat je je beter gaat voelen en beter voor jezelf kunt zorgen en opkomen. Je leert voelen wat je behoefte is en je leert op een gezondere manier daarvoor op te komen. Hierdoor veranderen niet alleen je gedrag, maar ook je gedachten en gevoelens.

  • MBT: Mentalisatie Bevorderende Therapie is een beh andeling voor volwassenen met een borderline persoonlijkheidsstoornis. MBT gaat er van uit dat de problemenen van mensen met een borderline persoonlijkheidsstoornis voortkomen uit minder goed kunnen mentaliseren. Mentaliseren is het vermogen om je eigen gedrag en dat van anderen te begrijpen in termen van gedachten, wensen en gevoelens. Heb je minder goed zicht op wat er in jezelf of in de ander omgaat, kan dat leiden tot stemmingsklachten, identiteitsproblematiek, wantrouwen en impulsregulatie problemen. MBT wordt bij voorkeur gegeven in een combinatie van individuele- en groepstherapie.

  • EMDR: Eye Movement Desensitization and Reprocessing is een therapie voor mensen die last blijven houden van de gevolgen van traumatische ervaringen. Dit kan zijn een schokkende ervaring, zoals een verkeersongeval of een geweldsmisdrijf. Maar ook voor andere ervaringen die veel invloed hebben gehad op de ontwikkeling van iemands leven zoals pesterijen of krenkingen in de jeugd, die in het hier-en-nu nog steeds invloed hebben kan de methode gebruikt worden.

  • CGT: Cognitieve gedragstherapie gaat ervan uit dat het niet de gebeurtenissen zelf zijn die een mens negatieve gevoelens en een bepaald gedragspatroon bezorgen, maar de 'gekleurde bril' waardoor hij de dingen ziet. Wie leert deze negatieve gedachtes anders te interpreteren, krijgt een objectievere kijk op de eigen gevoelens en waarnemingen. Hierdoor kunnen negatieve gevoelens verdwijnen en zal het gedrag veranderen.

  • TFP: Transference Focused Psychotherapie is een intensieve therapie waarbij je twee keer per week een afspraak hebt met je therapeut. TFP kan geschikt zijn voor je wanneer je problemen hebt in relaties met anderen of last hebt van snelle wisselingen in het beeld wat je van jezelf en anderen hebt. Hierdoor kun je last hebben van angst- en stemmingsklachten. Gedurende ons leven ontwikkelen we onbewuste of automatische verwachtingen over onszelf en wat we van anderen kunnen verwachten. Wanneer deze verwachtingen niet reëel zijn, dan kan dat problemen opleveren in contact met anderen. Het doel van TFP is dat de verschillende beelden die je van jezelf hebt, een geheel worden. Je leert jezelf beter kennen en krijgt zicht op welke niet realistische en starre verwachtingen de relatie met anderen verstoren.